Begroting 2017 - 2020
PCPortal

€ 55,3

€ 456,0

rek. 2015

€ 49,5

€ 459,3

begr. 2016

€ 55,1

€ 455,5

begr. 2017

€ 56,8

€ 459,3

begr. 2018

€ 56,5

€ 461,6

begr. 2019

€ 56,4

€ 461,8

begr. 2020

Lasten
Baten
Algemene baten en lastenRekeningBegroting
Bedragen * 1 mln201520162017201820192020
Lasten
Algemene baten en lasten32,526,532,734,534,134,0
Belastingen1,82,72,72,72,72,7
Bestuur & Ondersteuning13,913,713,513,513,513,5
Externe betrekkingen1,31,00,90,80,80,8
Kaderstelling3,43,13,03,03,03,0
Organisatie2,42,42,32,32,32,3
55,349,555,156,856,556,4
Baten
Algemene baten en lasten388,8385,0375,7378,0379,3378,4
Belastingen67,173,979,781,182,183,3
Bestuur & Ondersteuning0,00,10,10,10,10,1
Externe betrekkingen0,10,30,00,00,00,0
Organisatie0,00,00,00,00,00,0
456,0459,3455,5459,3461,6461,8
Saldo van lasten en baten400,7409,8400,4402,5405,1405,5

Onder het programma Bestuur & Middelen worden uiteenlopende zaken verantwoord. We verantwoorden onder het product 'Algemene baten en lasten' en 'Belastingen' ondermeer de 'Algemene dekkingsmiddelen'. Dit zijn de middelen waarover uw Raad kan beslissen hoe ze worden ingezet. Ook nemen we onder dit programma begrotingsposten op die we niet nog niet kunnen toewijzen naar programma’s, deze posten noemen we ook wel stelposten.
Als laatste zijn de kosten voor het bestuur en een aantal activiteiten vanuit de ambtelijk organisatie opgenomen die we niet toewijzen aan specifieke producten, zoals Bestuur & Ondersteuning tot en met Kaderstelling.

In de meerjarenbegroting 2017-2020 zien we dat de totale lasten van 2017 (€ 55,1 mln) ten opzichte van 2016
(€ 49,5 mln) met € 5,6 miljoen stijgen. De stijging zet zich meerjarig voort met uiteindelijk € 6,9 miljoen in 2020 (€ 56,4 mln). De belangrijkste verschillen in de meerjarenbegroting 2017-2020 ten opzichte van de begroting 2016 zitten hoofdzakelijk binnen het product Algemene baten en lasten en worden onderstaand toegelicht:

  • Ontwikkeling stelposten (2017; + € 4,2 mln – 2020; + € 9,1 mln):

De stijging wordt vooral veroorzaakt door de toename van de zogenaamde stelposten van € 4,2 miljoen in 2017 tot € 9,1 miljoen in 2020. Deze begrotingsposten zijn vooralsnog niet toe te wijzen aan andere programma's en zullen middels een separaat besluitvormingstraject worden verwerkt.

  • Dotatie aan saldireserve (2017; + € 5,3 mln – 2020; + € 3,6 mln).

De mutatie in de saldireserve neemt in 2017 met € 5,3 miljoen af naar uiteindelijk € 3,6 miljoen in 2020 In het nieuwe Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) wordt de systematiek van activering en afschrijving voor alle investeringen gelijk getrokken: investeringen met een maatschappelijk nut dienen, evenals investeringen met een economisch nut, te worden geactiveerd en over de verwachte levensduur te worden afgeschreven. Hierdoor ontstaat de komende jaren een voordeel op de investeringslasten. Voor 2017 gaat het om € 5,0 miljoen uiteindelijk aflopend in 2020 naar € 3,6 miljoen. Daarbij is het van belang om te realiseren dat de extra ruimte, die tot uiting komt in een beter resultaat op de exploitatie, gepaard gaat met een verhoging van de schuld in de komende jaren. Vandaar dat het voordeel wordt toegevoegd aan de saldireserve.

  • Voordeel rentelasten afgesloten geldleningen (2017; -/- € 3,3 mln – 2020; -/- € 5,2 mln.

De financieringslasten nemen af met € 3,3 miljoen in 2017 tot uiteindelijk € 5,2 miljoen in 2020. Door de gunstige kapitaalmarkt gaan wij ervan uit dat we een rentevoordeel kunnen halen.

De totale baten dalen in deze meerjarenperiode met -/- € 3,8 miljoen in 2017 tot uiteindelijk een stijging van
 + € 2,5 miljoen in 2020. De belangrijkste verschillen worden onderstaand toegelicht:

  • Mutaties in de algemene uitkering Gemeentefonds (2017; -/- € 1,6 mln – 2020; + € 4,5 mln). De algemene uitkering van het Gemeentefonds neemt in 2017 af met € 1,6 miljoen en stijgt uiteindelijk in 2020 met € 4,5 miljoen. Deze stand is geënt op de meicirculaire 2016 en wij hebben uw Raad in juni 2016 hierover geïnformeerd.
  • Lagere opbrengst uit het intern doorbelasten van rente voor geld wat we lenen voor investeringen. De rekenrente die we hiervoor hanteren is op basis van aangescherpte verslaggevingsregels verlaagd van 4 naar 2,5% (zie ‘rente’ in de paragraaf Financiering). Hierdoor daalt deze ‘interne’ opbrengst structureel met ongeveer € 6 miljoen. De programma’s krijgen daarentegen hetzelfde bedrag minder aan rente in rekening gebracht. Per saldo doet dit gemeentebreed dan ook niets.
  • Vanaf 2017 is de prijsbijstelling voor de verschillende decentrale en integrale uitkeringen als stelpost opgenomen met € 2,0 miljoen.
  • Als laatste noemen wij de stijging van de belastingopbrengsten van € 5,8 miljoen in 2017 naar € 9,4 miljoen in 2020. De toename van de opbrengsten is vooral technisch van aard. Door de verschuiving van de afvalstoffenheffing naar de OZB worden de baten bij het product belastingen hoger. De baten van het product Inzameling huishoudelijke afval (programma Openbare ruimte) wordt lager. Onder dit product valt de opbrengst vanuit de afvalstoffenheffing. In 2017 wordt de laatste tranche verwerkt. Een ander effect is de indexatie met 1,87%. Voor een uitgebreide toelichting van de belastingverordening verwijzen wij naar de link van de overheid. De tarieven stelt uw Raad jaarlijks vast vóór het begin van het nieuwe kalenderjaar.